De man trekt zijn muts over zijn hoofd en knoopt zijn warme
jas dicht. Je zou denken dat hij na dertig jaar wel gewend zou zijn aan de
Nederlandse herfst en winter, maar telkens laat hij zich verrassen door de
invallende kou. Straks, in Suriname, zal hij er geen last meer van hebben. Hij
gaat terug, heeft hij gezegd. Terug naar zijn wortels. ‘Ik heb mijn bijdrage
aan de maatschappij geleverd. Ik ga nu lekker genieten.’ Hij is over de zestig.
Vorig jaar raakte hij zijn baan kwijt en hij kwam niet meer aan de slag. Hij moest
erg wennen aan de nieuwe situatie. Hij had zijn hele leven gewerkt. Thuis
kwamen de muren op hem af. Vrijwilligerswerk werd zijn redding. Zes maanden
lang werkte hij met veel plezier als parkeerwacht bij het Reinier de Graaf
Gasthuis en hij maakt deel uit van het buurtteam in de Gillisbuurt. Dit team van
vrijwilligers spreekt buurtbewoners aan op hun gedrag, organiseert
schoonmaakacties en neemt contact op met de gemeente als er zaken geregeld
moeten worden. ‘Met onze persoonlijke aanpak proberen we de mentaliteit van de
mensen te veranderen.’ Dat lukt, al gaat er veel tijd overheen. Het is een
kwestie van geduld en tolerantie. Vanwege de vele culturele achtergronden
verloopt de communicatie met buurtbewoners nu eenmaal moeizaam. Zelfs binnen
het buurtteam ontstaan soms misverstanden omdat iemand per ongeluk wel eens iets
anders zegt dan hij bedoelt. Maar het komt ook voor dat iemand door zijn
culturele achtergrond een heel andere kijk op de dingen heeft. ‘Daar moet je
niet boos over worden. Daar kun je juist van leren.’ De negen leden van het
buurtteam kunnen prima met elkaar opschieten. Het is een bont gezelschap van Nederlanders,
Surinamers, Turken, Marokkanen en
Somaliërs. Ondanks de cultuurverschillen en taalbarrières is de onderlinge band
hecht. ‘We gaan als broers met elkaar om.’ Hij zal ze missen, straks in
Nieuw-Amsterdam.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten